Ontkenning vaderschap toegewezen zonder DNA-onderzoek

Ter zitting heeft verzoekster verklaard dat belanghebbende A. feitelijk onmogelijk de vader van [het kind] kan zijn, omdat zij in het jaar voorafgaande aan de geboorte van [het kind], met geen andere man dan met belanghebbende B. gemeenschap heeft gehad.
Alle betrokkenen zijn het erover eens, dat belanghebbende B. de biologische vader van [het kind] is en dat het in het belang is van [het kind], wanneer door de gegrondverklaring van de ontkenning van het vaderschap van belanghebbende A. van [het kind] de juridische situatie in overeenstemming wordt gebracht met de feitelijke situatie.
Gelet op het vorenstaande en op de inhoud van de overgelegde en de rechtbank betrouwbaar voorkomende stukken, wordt het verzoek toegewezen zoals hierna in de beslissing tot uiting komt.
Rechtbank Groningen, 12 januari 2010, LJN: BK9674