Verdeling. Waarde onderneming gelijk aan de boekwaarde. Vrouw niet in nadeliger situatie omdat de man niet heeft gegriefd tegen waardering door de rechtbank.

Bij die beschikking heeft het hof een deskundige benoemd die onderzoek diende te doen naar de waarde van V.o.f. Stratenmakersbedrijf [V.o.f. Stratenmakersbedrijf] per 31 december 2011. Voorts heeft het hof bepaald dat partijen binnen vier weken na ontvangst van het deskundigenbericht daarop kunnen reageren door middel van een brief bij het hof en iedere verdere beslissing aangehouden.

De deskundige, mr. drs. P.A. van Steensel RA heeft in zijn rapport van 27 maart 2014 aangegeven dat er naar zijn mening geen sprake is van goodwill en dat het eigen vermogen van V.o.f. Stratenmakersbedrijf [V.o.f. Stratenmakersbedrijf] volgens de balans per 31 december 2011 € 57.425,- bedroeg, hetgeen overeenkomt met de waarde van V.o.f. Stratenmakersbedrijf [V.o.f. Stratenmakersbedrijf]. Het aandeel van de man hierin bedraagt volgens de deskundige € 28.710,-.

Het hof neemt de bevindingen van de deskundige over. Aldus zal het hof de waarde van het aandeel van de man in V.o.f. Stratenmakersbedrijf [V.o.f. Stratenmakersbedrijf] vaststellen op
€ 28.710,-. De rechtbank ’s-Hertogenbosch heeft in de tussenbeschikking van 27 maart 2012 de waarde van het aandeel van de man in de vennootschap bepaald op € 30.946,-. Nu het hof van een lagere waarde uitgaat zou dit tot gevolg hebben dat de vrouw een lager bedrag toekomt in het kader van overbedeling van de man. Het hoger beroep van de vrouw kan echter niet in haar nadeel werken, nu de man terzake de waarde van zijn aandeel in de vennootschap geen hoger beroep heeft ingesteld. Het hof zal de beslissingen van de rechtbank ’s-Hertogenbosch van 27 maart 2012 en 15 juni 2012 dan ook bekrachtigen.

Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 31 juli 2014, ECLI:NL:GHSHE:2014:2605