Moeten de lasten van de koopwoning naar evenredigheid worden verdeeld?

Onverdeelde huwelijksgoederengemeenschap. Verdeling van de lasten van de voormalige echtelijke woning naar evenredigheid. Artikel 3:172 BW.

Het hof overweegt als volgt. De woning te [woonplaats] aan [adres] behoort tot de onverdeelde huwelijksgemeenschap van partijen. Op grond van artikel 3:172 BW dienen beide partijen naar evenredigheid bij te dragen in de lasten van de voormalige echtelijke woning. Naar het oordeel van het hof volgt uit de feiten dat partijen geen regeling met elkaar zijn overeengekomen met betrekking tot de verdeling van de kosten van de hiervoor vermelde woning voor de periode na 6 september 2012. Van een van art.3:172 afwijkende regeling is niet gebleken. Op basis van de door de vrouw gestelde feiten is er naar het oordeel van het hof ook overigens geen grond om af te wijken van de evenredigheidsregel van art. 3:172 BW. Indien de inkomsten van de vrouw onvoldoende zijn om deze kosten te dragen ligt het op haar weg om al dan niet een vordering in te stellen tot het vaststellen van onderhoudsbijdragen ten behoeve van haarzelf.

Het Hof spreekt derhalve duidelijke taal. Is de woning eigendom van de beide partijen dan dienen zij in beginsel naar evenredigheid bij te dragen. Dat staat zo in de wet. Meestal is dat voor 50%. Er kan anders worden afgesproken maar dat was hier niet gebeurd. De vrouw had nog wel een gebruiksvergoeding ex artikel 3:169 BW kunnen vragen maar heeft dit niet gedaan. Met deze gebruiksvergoeding had weer een deel van de kosten worden gedekt. Er was hier echter niets gevraagd.

Gerechtshof Den Haag, 15 oktober 2013, ECLI:NL:GHDHA:2013:3989