Onvoldoende is komen vast te staan dat de ontwikkelingsbedreigingen niet in het vrijwillige kader kunnen worden weggenomen. OTS niet (meer) noodzakelijk.

Het hof is met de rechtbank van oordeel dat [minderjarige 1] , [minderjarige 2] en [minderjarige 3] ernstig in hun ontwikkeling worden bedreigd; er zijn de nodige zorgsignalen op het gebied van in ieder geval de sociaal-emotionele en cognitieve ontwikkeling van de kinderen. Het hof overweegt daartoe dat de effecten van de gebeurtenissen in het verleden nog steeds zichtbaar zijn; met name [minderjarige 1] en [minderjarige 2] vertonen gedrag dat niet leeftijdsadequaat wordt geacht. De ontwikkeling van de kinderen dient naar het oordeel van het hof dan ook zorgvuldig te worden bewaakt; het hof acht het dan ook in het belang van de kinderen om de ingezette hulpverlening te continueren. Het hof is echter van oordeel dat onvoldoende is komen vast te staan dat de huidige situatie zo is dat de ontwikkelingsbedreigingen niet in het vrijwillige kader kunnen worden weggenomen. Het hof acht een ondertoezichtstelling op dit moment daarom niet (meer) noodzakelijk. Het hof overweegt voorts dat voldoende is gebleken dat de vader momenteel hulp accepteert; de vader heeft onbestreden gesteld dat de ouders samenwerken met Wij [vestigingsnaam] en overige hulpverlenende instanties en dat hij thans een open en transparante houding aanneemt ten opzichte van de hulpverlening.

Gerechtshof 's-Hertogenbosch 3 december 2015, ECLI:NL:GHSHE:2015:5022